De waarde van social software voor het individu…

Vandaag had ik een interessante discussie met Tim en Ellert over de waarde van Web 2.0 voor het individu. We waren het er allemaal wel over eens dat een blog een goed middel is om te reflecteren en social bookmarking diensten zijn interessant om relevante informatie en links te bewaren en met elkaar uit te wisselen (en in het geval van watvindenwijover.nl, daar ook je mening aan te koppelen).

Binnen de schaal waarin watvindenwijover.nl nu opereert biedt het ook meerwaarde in dat het nog inzichtelijk is te kijken welke informatie door andere gebruikers wordt toegevoegd. Het loont nog om de lijst met recent geposte links langs te gaan op zoek naar iets interessants. In het geval van del.icio.us is dit overzicht ver te zoeken en zal je door te browsen door tags en gebruikersprofielen op nieuwe inzichten moeten komen. Super interessant en dit biedt ook zeker meerwaarde boven ‘traditionele’ software. Echter, volgens mij zit hierin niet de kernwaarde.

We constateerden tegelijkertijd ook dat het door het ontbreken van een mening bij de posts op watvindenwijover.nl de waarde van een post aanzienlijk wordt verminderd. Op basis van een url en een enkele tag kan niet worden beoordeeld of een site interessant is. Het is de combinatie van tags, een link en de bijgevoegde mening die je doet besluiten een pagina te bezoeken. met andere woorden: een link alleen heeft niet zoveel waarde. Pas als de combinatie van links, tags en de mening je triggert een site te bezoeken, kan dat je aanzetten tot het vormen van nieuwe betekenis. Hierin speelt vertrouwen ook een grote rol. Ik ben sneller geneigd te klikken op een link van iemand die ik ken, of waarvan ik weet dat hij een goede reputatie heeft. Op een site als del.icio.us is de kwaliteit van een post moeilijk in te schatten. het aantal keer dat een artikel is gebookmarked, of gedigged, wil niet perse zeggen dat er sprake is van een kwalitatief goed artikel. Zie hiervoor ook een interessant experiment waarin een artikel werd gepost op digg met de titel: girl undresses in 3D. Dit artikel werd binnen no time als topstory aangemerkt…

Daarnaast constateerden we dat op wvwo veel links worden toegevoegd (en dat is heel goed ;)) die niet direct aan onze informatiebehoeften voldoen. Dergelijke posts hebben voor ons persoonlijk dus niet zoveel waarde en derhalve zouden wij als groep meer gebaat zijn bij een subdomein van de site, waar we in een selecte groep informatie kunnen uitwisselen.

Dit geeft ook gelijk aan waarom ik in mijn onderzoek heb gekozen om mij specifiek te richten op groepen van mensen die social software gebruiken als ondersteuning voor hun leerproces. Persoonlijk denk ik (en die mening deelt mijn begeleider, getuige de verwachtingen van Winkwaves Stage) dat social software pas echt tot zijn recht komt wanneer het in groepen (communities of practice: Wenger, 1998) wordt ingezet. Eerder gaf ik het belang van vertrouwen aan in het beoordelen en gebruiken van informatie. Binnen bekende groepen is dergelijk vertrouwen eerder aanwezig, waardoor de waarde van bookmarks, blogposts of teksten op een wiki in mijn ogen toeneemt.

De blog die wij in het kader van management van immateriele waarden hebben opgezet is daar een goed voorbeeld van. Een blog bijgehouden door een individu biedt een goed middel voor reflectie. Het wordt echter pas echt interessant wanneer er interactie en confronterende meningen worden toegevoegd van bezoekers. Op dat moment kunnen er discussies ontstaan, die de inhoud van de oorspronkelijke post overstijgen en waardoor nieuwe betekenis kan worden gecreërd (door onderhandeling over betekenis). In het geval van de blog van MIW zagen we dat discussies uit de colleges werden voortgezet op de weblog, of dat posts op de blog aanleiding waren voor discussies in het college. Ook werd de blog regelmatig ingezet om begrippen uit de literatuur te verduidelijken, door er met elkaar over te praten en additionele literatuur aan te reiken. Uit mijn interviews kwam ook naar voren dat het feit dat men weet wie iets toevoegt, bepalend is om iets te accepteren of niet. Hierin speelt dus vertrouwen wederom een rol. Zoals veel van mijn geïnterviewden verder beaamden: de blog was een uitstekend verlengstuk van de colleges en heeft absoluut bijgedragen in begripsvorming aan het vak. Echter het groepsproces (dus met elkaar bloggen, elkaar bediscussieren en de invloed van face-to-face contact) in zijn geheel heeft het tot een succes gemaakt.

Ditzelfde geldt mijns inziens voor social bookmarking. In de kleine groep waarin ik een project doe bij de gemeente Amsterdam gebruiken we de tag IMP op watvindenwijover.nl om informatie met elkaar te delen. Als we praten over leertheoriën, social cohesie, digitale participatie en dergelijke, posten we dat onder deze tag, zodat iedereen kan zien wat een ander voor nuttige inbreng heeft. Zijn mening en tags daarbij gevoegd bieden direct een filter om te bepalen of informatie nuttig is voor de stukken die je schrijft. Ook het elkaar kennen speelt hierin weer een bepalende rol.

De wiki gebruikers (enkele groepen studenten schrijven in het kader van dit project hun eindverslag in een wiki) heb ik nog niet aan de tand kunnen voelen, maar ik verwacht dat zij ongeveer dezelfde ervaringen hebben met het gebruik van de dienst.

Al met al denk ik dat social software, zoals gezegd, optimaal tot zijn recht kan komen – lees optimaal ondersteunend kan zijn aan het leerproces van betrokkenen – wanneer het binnen de context van communities of practice (dus groepen van mensen) wordt ingezet.

Ik ben benieuwd naar jullie gedachten hierover. Sla ik de plank mis? Of ontbreken er essentiele ideeën?

If you enjoyed this post, make sure you subscribe to my RSS feed!