Klein experimentje… de ‘wijsheid van de crowd’ in Nederland

Wereldkampioenschappen VoetbalZoals ook op mijn “ik lees” pagina te zien is lees ik momenteel het boek The Wisdom of Crowds van James Surowiecki. Dit boek gaat uit van het eenvoudige, maar radicale principe dat een groep mensen, onder de voorwaarde dat de groep divers, onafhankelijk en gedecentraliseerd is en de resultaten uiteindelijk geaggregeerd worden, slimmer is en betere beslissingen neemt dan een enkele of beperkte groep experts. Met het oog op het WK voetbal kunnen we daar wel een klein, leuk experimentje op los laten. Maar daarover meer verderop in deze post.

Vanuit een Web 2.0 benadering is dit natuurlijk een interessante theorie, omdat Web 2.0 in feite een stem geeft aan het indivu en op die manier groepen van mensen worden gecreërd die gezamenlijk met iets bezig zijn. Maar zouden deze groepen nu ook slimmer kunnen zijn dan enkele experts? met andere woorden: Zou de theorie van de Wisdom of the Crowds ook gelden in Web 2.0 land?


Het lijkt er op dat collectieve intelligentie en the wisdom of the crowds vaak in één adem worden genoemd wanneer men schrijft over Web 2.0. Mijn eerste reactie op de hiervoor gestelde vraag zou een voorzichtig nee zijn, want waarom hebben we anders überhaupt nog experts? Toch zijn er Web 2.0 concepten, zoals otavo.com en grupthink.com welke deze collective intelligentie trachten in te zetten. Ook Wikipedia drijft op het fenomeen van the Wisdom of the Crowds, daar de pagina’s een representatie zijn van de kennis van een (grote) groep mensen die aan een pagina werken. Maar is Wikipedia beter of even goed dan bijvoorbeeld Brittanica? Sommige zeggen van wel, anderen weer nietTim heeft overigens op watvindenwijover.nl nog een aardige post geplaatst plus commentaar geleverd op deze theorie.

In het boek worden tal van leuke voorbeelden aangehaald waaruit zou moeten blijken dat de collectieve intellegentie inderdaad hoger is dan die van een enkele expert. Zo wordt een voorbeeld aangehaald waarbij het gewicht van een os moet worden geraden. Het gemiddelde van alle schattingen benaderde het exacte gewicht tot op 0,1 gram. Deze gemiddelde schatting was beter dan de schatting van de beste individu.

Maar ook voor meer complexere zaken weet Surowiecki voorbeelden te noemen. Zo beschrijft hij het verhaal van de in 1968 gezonken Amerikaanse onderzeër Scorpion welke gevonden werd door op basis van de individuele schattingen van een groep experts een gemiddelde schatting te maken van de locatie. Ook hier kwam geen enkele expert zo dicht in de buurt als de gemiddelde schatting, welke slechts 220 yards naast de werkelijke locatie lag.

Met het aankomende WK voetbal in het achterhoofd is het nu aardig om een klein experimentje op te zetten en de theorie van Surowiecki eens te toetsen. In de Telegraaf (sorry) van 11-05-2006 stond een enquête waarin aan 2325 deelnemers werd gevraagd hun ideale elftal samen te stellen. Het ideale team bestaat volgens de 2325 ondervraagden uit de volgende spelers:

  • Van der Sar
  • van Bronckhorst, Ooijer, Boulahrouz en Heitinga
  • Cocu, van Bommel en van der Vaart
  • Robben, Kuyt en Huntelaar

Er van uitgaande dat de optimale opstelling door de bondscoach himself wordt bepaald en dus straks bij de eerste wedstrijd op het veld staat, kunnen we nu de volgende vraag stellen: in hoeverre is het nederlandse volk dan gezamenlijk (dus de wisdom of the crowds) in staat het ideale team te voorspellen?

Als Surowiecki het bij het rechte eind heeft, mogen we verwachten dat tijdens de aftrap van de eerste wedstrijd dit elftal, of een benadering van dit elftal op het veld staat. We zullen het zien, we zullen het zien…

Wat zijn jullie gedachten hierover? En hoe zou the wisdom of the crowds terug kunnen komen in de Web 2.0 ontwikkelingen?

If you enjoyed this post, make sure you subscribe to my RSS feed!